Oh jee het is weer zover. De chinchillakooi
moet verschoond worden. Er is niets dat ik zo verafschuw, buiten de geur van
Kattenvoer, als het verschonen van mijn beestjes. Zolang ze in een schone
kooi zitten zijn ze zo lief. Maar ja, zo’n kooi
blijft niet eeuwig schoon.
Zaagsel, hooi, zand, doos voor het oude
zaagsel, ja ik heb alles. He, ik kan ze natuurlijk ook buiten de kooi baden!
Waar? Ik zie geen geschikte plek. Nou ja, dan maar in de doos die voor het
zaagsel bedoeld is. “Hoho, hier blijven! Kom op
in de doos!”Jammer, de doos is te laag. Een van de twee beestjes springt
eruit. Snel mijn kamerdeur dicht; anders kan ik Bella
en Beertje,”mijn beige mutaties” wel gedag zeggen. (katten). En dat is niet
de bedoeling.”Beestje Beertje, kom onder dat nachtkastje vandaan! Nee blijf
van het snoer van mijn bedlampje af! Gelukkig is
Bella zich rustig aan het baden in de
pate-schaal met zand die ik in de doos heb
gezet. Oke, Beertje gevangen, terug in de doos.
Oh jee, bonje! “Beertje,Bella,
hou op!” Het is of ze me horen en expres niet doen wat ik zeg. Onzin
natuurlijk, maar als je aangekeken wordt door meestal twee, maar soms ook
vier kraaloogjes, en de beestjes daarna rustig verder gaan met gillen naar
elkaar, dan ga je toch denken. Ze houden niet op. Jammer, dan maar even niet
hoor. De kooi even snel uitsoppen met water en wat zeep. ( De beestjes
zitten ondertussen in een reiskooitje in de doos waar het zaagsel in zit)
“Moeder, waar vind ik een oude theedoek?”
Ik schreeuw het naar beneden en er wordt naar
boven teruggeroepen waar ik die kan vinden. Meteen maar op jacht. Ik vind
een flitsende theedoek, wit met bruine blokjes en een bruin randje. De kooi
is ondertussen droog maar toch nog even nadrogen. Zaagsel erin, waterflesje
schoonmaken, omspoelen en weer opnieuw vullen, een paar wilgentakjes halen
beneden, hun zitstok terug in de kooi, plukje hooi en dan het voer nog.
(Zucht!) De beestjes kunnen weer terug. Dat heb ik weer gehad deze week!
Suzanne
Uit Ned. Chinchilla vereniging voor
Liefhebbers
Februari 1993