Wilt
u een muis verantwoord en comfortabel kunnen huisvesten in gevangenschap,
dan is het van belang enig inzicht te hebben in de wijze waarop hij in de
vrije natuur leeft. Ook al zit de muis bij u thuis in een hok of kooi, het
is toch mogelijk zijn natuurlijke leefomstandigheden enigszins te benaderen,
zodat hij zich zo prettig mogelijk zal voelen.
In de
vrije natuur
Muizen
leven in de vrije natuur onder de meest uiteenlopende omstandigheden. Ze
zijn gesignaleerd in (sub)tropische gebieden, maar zoals gezegd zijn er ook
muizenkolonies aangetroffen in koelhuizen waar temperaturen tot ver onder
het vriespunt heersen. De muis is een dier dat zich aan vrijwel alle
omstandigheden kan aanpassen. Ondanks die wisselende situaties valt er toch
wel een soort van patroon te ontdekken in een muizenleven: huismuizen
klimmen en klauteren veel, kruipen graag door kleine gaatjes en in kleine
holletjes en leven in familieverband.
Huisvesting in gevangenschap
Kijken we naar het leven van een wilde muis, dan kunnen we daar de volgende
conclusies uit trekken: Een muis leeft graag met meer muizen samen. Geef hem
dus gezelschap, maar pas er wel voor op dat u geen ongewenst nageslacht
krijgt.
Muizen klimmen en klauteren graag. Een kaal verblijf met enkel een
bodembedekking is dus niet geschikt. Geef ze woonruimte met volop
klim- en speelmogelijkheden.
Rekening houdend met hun drang naar klimmen en spelen, moet een mooi, goed
verzorgd en veilig muizenverblijf zeker aan de volgende eisen voldoen:
-
Het verblijf moet zijn bewoners
binnenhouden. Dat vereist een goed sluitend deksel en geen kieren,
gaatjes of spijltjes die te wijd zijn. Houd er bovendien rekening mee
dat een muis vlijmscherpe knaagtandjes heeft die alles aankunnen wat
niet van glas, steen of staal gemaakt is.
-
Het verblijf moet veilig zijn voor dier
en mens. Geen uitstekende spijkers of andere voorwerpen, scherpe
glasranden of naar binnen vallende deksels.
-
Het verblijf moet eenvoudig schoon te
maken zijn. Dat houdt in dat er geen hoekjes of gaatjes mogen zijn waar
u slecht met schoonmaakmiddelen bij kunt.
-
Het materiaal waar het verblijf van
gemaakt is mag geen vocht of geurtjes opnemen. Hout is daarom minder
geschikt als bouwmateriaal voor een dierenverblijf, tenzij het behandeld
is met een waterafstotend middel. Wanneer hout de urine van een dier
opneemt, gaat het stinken en rotten. Materialen als glas en plastic zijn
daarentegen uitstekend.
-
De opening van het verblijf moet groot
genoeg zijn om overal in het verblijf te kunnen komen. Niet alleen om
het te kunnen schoonmaken, maar ook om de dieren eventueel te kunnen
vangen. Als het deurtje te klein is, kunnen de bewoners zich in een
hoekje verstoppen en kunt u er niet bij.
-
Ook al zijn de dieren nog zo klein, hun
verblijf moet goed worden geventileerd. Wanneer de bodembedekking
doordrenkt is met urine, blijft de ammoniakgeur onderin de bak hangen.
Bij onvoldoende ventilatie kunnen de dieren daar last van krijgen.
-
In het verblijf moeten plekjes zijn waar
de dieren zich in alle rust terug kunnen trekken.
Soorten
verblijven
U
kunt uw muizen huisvesten in verschillende typen verblijven. Aan al die
soorten huisvesting kleven voor- en nadelen. We
zetten ze hier voor u op een rijtje:
Traliekooi
De meeste kooien die in dierenspeciaalzaken worden verkocht, zijn
traliekooitjes. Deze bestaan meestal uit een
plastic onderbak met daarop een kap van metalen tralies.
Het grootste voordeel van dit type verblijf is de goede ventilatie: er kan
van alle kanten frisse lucht bij de dieren komen. Hier staat
tegenover dat hetzelfde geldt voor tocht.
Sommige traliekooien hebben een heel kleine opening.
Heeft u een grotere opening nodig, dan moet de hele kap van de
onderbak af en kunnen de bewoners alle kanten op. De betere uitvoeringen
hebben een klein deurtje voor het voederen. Daarnaast kunt u het deksel
verwijderen terwijl de wanden blijven staan. Een ander voordeel is dat dit
soort bak heel licht is en eenvoudig schoon te maken.
Omdat kleurmuizen vrijwel niet graven, is een lage onderbak niet zo
bezwaarlijk als bij fanatieke gravers zoals bijvoorbeeld
gerbils. Toch moet u er rekening mee houden dat
bij een traliekooi met lage onderbak strootjes en keuteltjes naast de kooi
op de grond zullen vallen.
Plastic of glazen bak
Knaagdieren worden vaak gehouden in oude aquaria of plastic bakken met een
deksel van gaas. In een gesloten bak hebben de dieren weliswaar geen last
van tocht, maar is de ventilatie ook niet optimaal. U moet de bodembedekking
dus regelmatig verschonen, anders leven de dieren in de ammoniakdampen. Een
glas- of plastic plaat als deksel is uit den
boze, omdat er dan helemaal geen ventilatie is. Kunststofbakken hebben als
nadeel dat ze nogal snel lelijk worden, omdat er veel krassen op komen.
Bovendien kan de plashoek in dergelijke bakken uitbijten en ruw worden.
Daardoor wordt die plek steeds moeilijker schoon te maken, wat de hygiëne
niet ten goede komt.
Glazen bakken zijn er in verschillende soorten. Bakken die uit één geheel
bestaan zijn goed schoon te maken, maar ook heel zwaar. Als er een barst in
komt, kunt u ze weggooien.
Er zijn ook aquaria die bestaan uit een metalen frame waarin glasplaatjes
zijn vastgezet. Vroeger deed men dat met stopverf, dat immers niet
uitdroogde als de bak vol water stond. In een droog muizenverblijf gaat oude
stopverf echter brokkelen. De dieren kunnen eraan gaan knagen en de ruitjes
kunnen los gaan zitten. Stopverfbakken zijn dus niet geschikt. Tegenwoordig
zet men de ruitjes vast met siliconenkit. Dit is een eenvoudige klus voor
elke doe-het-zelver.
U
kunt ook een glazen bak maken zonder frame. De glasplaatjes worden dan met
siliconenkit aan elkaar gelijmd. Na een dag is de bak zó sterk dat er zelfs
water in kan. Dit type bak is eenvoudig en goedkoop zelf te maken. De
lijmrupsen mogen echter niet te dik zijn, omdat de dieren er anders aan gaan
knagen. Ook moeten de hoeken grondig worden afgeslepen of beschermd met
plastic hoekstrips, omdat ze anders lelijke verwondingen kunnen veroorzaken.
Knaagdierparadijs
In dierenspeciaalzaken zijn prachtige, overdadige ‘knaagdierparadijsjes’ te
koop. Sommige met een aantal traliehuisjes op en aan elkaar, andere met een
compleet gangenstelsel van plastic. Voor kinderen ziet
zo’n spannend muizenverblijf er natuurlijk heel aantrekkelijk uit.
Toch zijn ze niet ideaal. De gangen en holletjes zijn niet goed schoon te
maken en de ventilatie is slecht. Zo’n paradijsje
is leuk speelgoed en de muizen mogen er gerust een paar uur per dag in
spelen, maar als permanent verblijf is het minder geschikt.
Laboratoriumbak
Sommige mensen houden hun muizen in een laboratoriumbak. Dit zijn vrij lage
bakken van kunststof, waarop een metalen rooster ligt. Een laboratoriumbak
is de ideale manier om met zo min mogelijk werk zoveel mogelijk dieren te
houden. Dat is immers ook de bedoeling in laboratoria. U
heeft zo echter maar weinig contact met de dieren. Ook is het maar
helemaal de vraag of ze zich wel gelukkig voelen in een dergelijke saaie
behuizing.
Bodembedekking
Van oudsher gebruikt men houtmot in dierenverblijven. Dit wordt vaak zaagsel
genoemd, maar het is eigenlijk schaafsel. Zaagsel neemt uitstekend vocht op
en stinkt nauwelijks. Een groot nadeel is echter dat het meestal veel stof
bevat. Uit onderzoek van de laatste jaren is gebleken dat knaagdieren veel
last kunnen hebben van dit stof. Daarom zijn er tal van andere soorten
bodembedekking op de markt gekomen die ‘gezonder’ zijn voor dieren.
Zaagsel
Zoals gezegd is zaagsel niet bijzonder geschikt als bodembedekking. De
meeste dieren (en dus ook muizen) krijgen het stof in hun longen. Dit
veroorzaakt op den duur ontstekingen. Nu het stofprobleem algemeen is
erkend, worden sommige soorten houtmot in de fabriek beter gezeefd. Toch
verdient het de voorkeur voor muizen een ander type bodembedekking te
kiezen.
Hooi
Knaagdieren gebruiken hooi graag als nestmateriaal en om aan te knabbelen.
Het neemt echter te weinig vocht op om als bodembedekking te kunnen dienen.
Stro
Stro is veel te grof als bodembedekking of nestmateriaal voor knaagdieren.
Er is echter een product op de markt dat wordt gemaakt van
gehakseld stro. Russell
Rabbit is heerlijk zacht en ideaal als
nestmateriaal. Als bodembedekking neemt het te weinig vocht op.
Kattenbakkorrels
Er zijn wel zo’n honderd soorten kattenbakkorrels
te koop. Sommige daarvan zijn geschikt om knaagdieren op te houden. Vooral
korrels gemaakt van maïskolven, bijvoorbeeld die van Witte Molen, nemen veel
vocht op en kunnen dus goed dienst doen. Kattenbakkorrels van steen of klei
zijn minder geschikt, vooral omdat ze stuiven.
Geperste korrels
De laatste jaren zijn er ook bodembedekkingen op de markt die bestaan uit
geperste korrels. Sommige soorten hebben hele
scherpe randjes en lijken niet erg comfortabel.
Zand
Sommige knaagdieren leven graag op zand. Als bodembedekking heeft het echter
als nadeel dat het geen warmte vasthoudt. Daarom is uitsluitend zand een
ongeschikte bodembedekking voor muizen.
Papierstrookjes
Er worden ook verschillende soorten papierstrookjes als bodembedekking
aangeboden. Deze strookjes zijn heel geschikt om mee te spelen en kunnen ook
als nestmateriaal worden gebruikt. Als bodembedekking nemen ze echter veel
te weinig vocht op.
Samenvattend kunt u het best kiezen voor een bodembedekking die goed vocht
opneemt, in combinatie met een zacht, warmte-isolerend nestmateriaal.
Interieur
U
kunt een muizenverblijf verder inrichten met diverse artikelen uit de
dierenspeciaalzaak. Er zijn letterlijk honderden verschillende
muizenspeeltjes te koop. De voor- en nadelen van
een aantal populaire knaagdierartikelen zetten we hier voor u op een rijtje:
Huisje
Er
zijn heel veel verschillende soorten huisjes te koop, gemaakt van kunststof
of hout. Omdat muizen wel knagen, maar niet zo hevig als
gerbils of hamsters, zullen ook de
kunststofhuisjes het wel een tijdje volhouden. Muizen vinden het prettig om
meer dan een huisje te hebben. U kunt ook zelf een huisje maken van een
bloempot die u op de kop zet. U hoeft alleen maar een half maantje uit de
bovenrand te slaan om een deuropening te maken.
Looprad
Over het nut van een looprad lopen de meningen nogal uiteen. Sommige mensen
beweren dat een muis hiermee veel lichaamsbeweging krijgt. Dat valt niet te
ontkennen. Aan de andere kant biedt een looprad wel heel dwangmatige,
eentonige beweging. Die eentonigheid kan mogelijkerwijs uitmonden in
psychische stoornissen. Feit is dat muizen veelvuldig gebruik maken van het
looprad, maar dat een ongeluk daarbij in een klein hoekje zit. Op het rad
zit immers geen rem en de muis kan gemakkelijk beklemd raken tussen het rad
en de staanders.
Stro-artikelen
Er zijn tegenwoordig huisjes, tunnels en bollen van stro op de markt. Deze
artikelen zijn gemaakt van gevlochten stro en hooi dat bijeen gehouden wordt
met ijzerdraad. Het zijn ideale speeltjes voor muizen! Ze kunnen er doorheen
sluipen en kruipen en aan het stro en het hooi knabbelen. Na verloop van
tijd is het strohuis of de strotunnel op en haalt u gewoon het
ijzerdraadskelet uit het verblijf.
Klimmen
en klauteren
Omdat muizen graag klimmen en klauteren, is het belangrijk om hun verblijf
in te delen in verschillende etages. Hiermee wordt de leefruimte van de
dieren veel groter. De ruimte boven een verdieping hoeft niet erg hoog te
zijn. Kleurmuizen springen vrijwel nooit. U kunt de verdiepingen met elkaar
verbinden door trapjes, laddertjes of klimtouwen. Eventueel kunnen de muizen
langs de tralies van de kooi naar een hogere etage klauteren.
Bent u niet dol op kant-en-klare, plastic
voorwerpen, dan kunt u het muizenverblijf ook heel goed aankleden met stenen
en grillige takken. Dit geeft bovendien een mooie, natuurlijke aanblik.
De beste
plaats
De plaats waar het muizenverblijf komt te staan, moet u zorgvuldig kiezen.
Een plek waar de temperatuurverschillen erg groot zijn, zoals bij een kachel
of de centrale verwarming, is niet geschikt. Een vensterbank die af en toe
in de volle zon ligt, komt evenmin in aanmerking. Muizen houden best van wat
leven in de brouwerij, maar een permanent verblijf op een luidsprekerbox is
te veel van het goede. Ook de garage en de schuur zijn niet ideaal: u wilt
uw huisdier toch ook vaak zien?! Bovendien zijn
deze plekken te stil, te donker, en vaak te tochtig.
Meestal wordt het verblijf in de woonkamer
of een kinderkamer gezet, niet in de zon, niet op de tocht en het liefst
niet op de grond, maar op een (laag) kastje of tafeltje.
Zindelijkheid
In principe zijn de meeste knaagdieren van zichzelf zindelijk. Ze houden er
niet van hun eigen nest te bevuilen. De dieren doen hun behoefte vrijwel
altijd in dezelfde hoek van het verblijf. Dit kan praktisch zijn, omdat dan
niet altijd de hele bak verschoond hoeft te worden: u kunt volstaan met het
leegscheppen van de plashoek.
Geurvlaggen
Dat dieren vaak ruiken en soms ook (bijzonder) onprettig, is een vaststaand
feit. De zogenaamde drogere (bijzondere) muizen zult u vrijwel niet ruiken.
De geur van kleurmuismannetjes kan na verloop
van tijd onaangenaam worden. Wanneer u het verblijf regelmatig schoonmaakt,
valt dit goed binnen de perken te houden. De ervaring heeft geleerd dat
muizen veel minder ruiken als uitsluitend het zaagsel wordt verschoond, en
niet de bak zelf. Ze hoeven dan niet elke keer opnieuw hun geur af te
zetten, omdat de bak immers al vertrouwd ruikt.
|
Dit stuk is ter beschikking gesteld
door: Rob Dekker
www.overdieren.nl
Meer muizeninformatie is te lezen in
het boek “ Dierenboek de muis” |
 |