Russische dwerghamsters
Land van herkomst is Siberië, Mantsjoerije en de noordelijke delen van China. Deze bijna kogelronde hamster wordt makkelijk handtam en is betrekkelijk
verdraagzaam tegen soortgenoten en kan in tegenstelling tot de andere hamsters paarsgewijs gehouden worden. Wanneer ze minder licht hebben
(bijvoorbeeld als de avonden langer worden), kunnen ze gedeeltelijk of helemaal wit worden. Dit wordt een wintervacht genoemd. Ze zijn dan natuurlijk
niet geschikt voor de tentoonstellingen. De dieren moeten na een leeftijd van 13 weken als oud worden ingeschreven. Na een jaar loopt de
tentoonstellingsconditie terug.


Een volwassen dier heeft een ideale lengte van 7 centimer, maar er zijn exemplaren die veel groter zijn. Tot 8 centimer wordt het nog als goed gezien, daarboven
is te groot.
Een Russische dwerghamster heeft een aalstreep die van tussen de ogen over de rug tot de staartpunt loopt. Bij veel Russische dwerghamsters zie je
dat de aalstreep net boven de staartpunt eindigd. De grens tussen buik- en dekkleur wordt gevormd door drie scherpe bogen tussen de voor- en de achterbenen.

